Het Belastingplan 2013 en de gevolgen voor de overdrachtsbelasting. De termijn voor de ‘doorverkoopregeling’ van artikel 13 Wbr is gewijzigd.
Er wordt een derde lid aan de bepaling toegevoegd, dat inhoudt dat artikel 13 Wbr bij regeringsbesluit kan worden aangepast wanneer hiertoe aanleiding mocht zijn in de ontwikkelingen binnen de vastgoedmarkt.
Op grond hiervan is eind september 2012 de termijn van artikel 13 Wbr van zes naar zesendertig maanden verlengd. Deze verlenging geldt voor alle onroerende zaken en is geldig tot 1 januari 2015.

Voorts is besloten dat de wijziging naar het verlaagde tarief van de overdrachtsbelasting ook voor ‘aanhorigheden’ van woningen van toepassing is, waar het eerst alleen gold voor woningen zelf.
In de oude situatie was het zo dat wanneer bij voorbeeld na de verkrijging van de woning nog een stuk tuin of een garage werd overgedragen, zes procent overdrachtsbelasting diende te worden betaald.
Door het Belastingplan 2013 is nu ook op aanhorigheden bij de woning, zoals de tuin, garages, schuren, etc, slechts 2% verschuldigd, zelfs wanneer deze aanhorigheden later worden verkregen dan de woning zelf.  Bovendien mag de kadastrale aanduiding van de aanhorigheden afwijken van die van de woning.

Tot slot is ook de samenloopregeling in de overdrachtsbelasting gewijzigd. Als over de verkrijging al omzetbelasting is betaald, is de verkrijging onder voorwaarden vrijgesteld van overdrachtsbelasting. Een van die voorwaarden was tot nu toe, dat het verkregen goed niet als bedrijfsmiddel was of werd gebruikt. In  het Belastingplan 2013 is deze voorwaarde geschrapt en is, ook wanneer het goed wel als bedrijfsmiddel is gebruikt, de verkrijging alsnog vrijgesteld.

 

Comments are closed.

Adres:

Lichtenauerlaan 138 (Brainpark II) 3062 ME Rotterdam

Contact

T: (010) 2425 400

F: (010) 2425 450

info@vadnot.nl